home > thema's > hygine > broodfabriek > schriftelijke bronnen terug
<h1>Het dagelyksch brood</h1>
help toelichting hulpvragen trefwoorden
Op dit mooie, ruime terrein werden naar de modernste inzichten van dien tijd opgericht gebouwen voor de Maalderij en voor de Bakkerij.
Dat was voor dien tijd een gebeurtenis. Van heinde en verre kwamen de bakkers kijken en .... spaarden hun critiek niet. De nieuwe zindelijke molens, waarin de tarwe gezuiverd en gemalen wordt zonder dat een menschenhand deze voedingsgrondstof bezoedelde, vonden zij wel belachelijk nieuwmodisch, maar daarmede konden zij nog wel vrede krijgen. Maar die malle groote ovens, die nota bene met heete lucht verwarmd werden, in plaats van met brandend hout en turf, die de bakkers er in die dagen in stookten en wanneer de ovensteenen genoegzaam verhit waren er daarna weer uitharkten, waarbij natuurlijk allerlei ongerechtigdheden achterbleven, neen die konden geen genade vinden bij de conservatieve vaklieden van dien tijd. Zij hadden het immers van vader en grootvader steeds anders gezien? Neen, die 'fabrieks'-ovens zooals ze minachtend genoemd werden, waren niets waard en zouden wel spoedig het bewijs van hun minderwaardigheid leveren . . . .
Dat de tijd anders zou leeren, dat weten wij nu. Vooral wanneer wij zien, hoe nog enkele van die eerste oude heeteluchtovens, met hun roteerend bakplatvorm, nog op den dag van vandaag, naast de nieuwste en allernieuwste broertjes en zusjes, met eere dienst doen.
Nog een nieuwigheid voor dien tijd was de invoering van de machinale kneedmachine. Men pleegde dat in die dagen met de voeten of met de handen te doen, hetgeen behalve niet erg smakelijk, zekerlijk niet erg hygiënisch genoemd mocht worden.
Men bakte in die eerste dagen der Meel- en Broodfabrieken in panvormen, de groote drie-kwart-kilo's wittebrooden uit dien tijd van 14 cents. (De particuliere bakkers rekenden daarvoor 20 cents.) Al spoedig werden twaalfhonderd zakken meel per week verwerkt, waaruit ongeveer negentig duizend brooden werden vervaardigd.
Dit bewijst wel, dat het publiek dat eveneens, zooals uit de historie blijkt, aanvankelijk wat sceptisch stond tegenover de idee 'brood-fabriek' spoedig veroverd werd door de uitmuntende kwaliteit van dit, met zoo groote zorg en hygiëne, smakelijk bereide brood.




Titel:Het dagelyksch brood, 1855-1930
Auteur:Wouter Hulstijn
Herkomst:Uitgegeven door de M.B.F.
Datering:1930
Je aantekeningenPrinten
uitleg verbergen
  • klik op de knop met de + om de toelichting te lezen

  • klik op de knop met het ? om hulpvragen te lezen

  • klik op de knop met a-z om trefwoorden op te roepen waarmee je naar andere bronnen kunt

  • kijk in het gele vak onderin voor de basisgegevens

  • klik op de knop met de pen rechtsonder om een notitie te plaatsen

  • klik op de knop met de printer rechtsonder om de afbeelding en gegevens te printen

transcriptie verbergen

trefwoorden verbergen

hygine
voeding
broodfabriek
Samuel Sarphati
prijs
industrialisatie
Vijzelgracht 28

hulpvragen verbergen

  • Voor wie was dit boekje bedoeld?

  • De bakkers spaarden hun kritiek op de broodfabriek niet, volgens deze bron. Waaruit bestond hun kritiek?

  • Welke voordelen van de broodfabriek schetst de bron?

  • Wat vind je van de toon van het fragment: is de auteur neutraal?

toelichting verbergen

Dit fragment komt uit een jubileumboekje van de Maatschappij voor Meel- en Broodfabrieken. Deze fabrieken waren in 1856 gebouwd aan Vijzelgracht 28, op de hoek met de Lijnbaansgracht. Dat was toen nog helemaal aan de rand van de stad. Een jaar eerder was Sarphati al begonnen met het initiatief tot oprichting. De fabrieken hebben tot na 1954 gefunctioneerd.

Voorop de omslag van het jubiliemboekje staat: naar aanleiding van het 75 jarig bestaan van Sarphati's stichting de 'M.B.F.'.
Aan de binnenkant staat op eerste pagina: 'Ons dagelijksch Brood; een historische schets van dr. Sarphati's stichting: de Maatschappij voor Meel- en Broodfabrieken', en daaronder in kleinere letters: 'Opgedragen aan onze trouwe afnemers'.
Helemaal achterin het boekje is een colofon: 'Dit boekje werd in de maand Maart van het jaar 1930 geschreven door Wouter Hulstijn, naar aanleiding van het 75-jarig bestaan van een van Sarphati's groote Sociale Stichtingen...'.