home > thema's > hygine > stadsreiniging & riolering > schriftelijke bronnen terug
<h1>Op weg naar het begin</h1>
help toelichting hulpvragen trefwoorden
Het pneumatische rioolstelsel van Liernur Wat moest men kiezen om uit de hygiënische ellende te komen? Het rioolspoelstelsel, door Van Niftrik gepresenteerd? Het grachtenspoelstelsel, waarbij de grachten als riolen dienen voor de aanliggende woningen en de achterliggende buurten? Het tonnenstelsel, waarbij de privaten worden voorzien van geregeld te verwisselen tonnen of emmers? Het aloude beerputstelsel dat in 1870 uit de gratie was, maar dat nog een come-back zou beleven? Of het Liernurstelsel, waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen huishoudelijk afvalwater en menselijke uitwerpselen en deze laatste via een aparte leiding naar een verzamelbuis onder de straat worden geleid; waar de excrementen vervolgens met stoom- of handluchtpompen worden afgezogen naar locomobiles, schuiten of stations?
Het Liernurstelsel is genoemd naar 'kapitein' Charles T. Liernur, die in 1828 te Haarlem was geboren als Hermann Carl Anton. Deze had zich in de praktijk tot ingenieur bekwaamd. Hij emigreerde naar de Verenigde Staten en raakte daar tijdens de burgeroorlog als kapitein der Zuidelijken een voet kwijt. Naar het vaderland teruggekeerd begon Liernur door middel van adressen, brochures, krantenartikelen, het Internationales hygienisch-technisches Institut für Städte-Entwässerung te Frankfurt am Main (door hemzelf opgericht) en niet het minst door persoonlijk lobbyen propaganda te maken voor zijn uitvinding. Hij kreeg gedaan dat behalve te Amsterdam ook in enkele binnen- en buitenlandse steden proeven werden genomen, onder andere in Leiden en Dordrecht. Deze experimenten hebben behalve in Amsterdam nergens geleid tot toepassing op grote schaal.
Het Liernurstelsel toonde technische gebreken, wat overigens ook nog het geval was bij het rioolspoelstelsel. De winstgevende afzet van faecaliën, één van de hardnekkigst wenkende perspectieven van het systeem, bleek bitter tegen te vallen. Liernur trachtte verbeteringen aan te brengen door weglating van balkleppen en toevoeging van trechters, sifons en luchtdrukkastjes (als je teveel water in het privaat gooide, liep dit voor straf over). Hij ontwierp een poedermestfabriek om de faecaliën in een verhandelbaarder vorm te brengen, en een systeem voor het indikken van faecaliën.
Liernur was zakelijk in zijn uitvinding geïnteresseerd. Voor de installatie van het systeem was hij een compagnonschap aangegaan met de ingenieur C.M. de Bruyn Kops.
De uitvinder werd bejubeld en verguisd; zijn naam riep tegengestelde emoties op.
Het pneumatische rioolstelsel is achteraf een mislukking gebleken. Maar dat kon de gezondheidscommissie niet bevroeden toen zij in 1868 een brochure van de uitvinder in handen kreeg. De deskundige C. Outshoorn sprak een positief oordeel uit.





Titel:Op weg naar het begin; reiniging en stadsreiniging in de 19e eeuw
Auteur:Dedalo Carasso
Herkomst:uit: Ons Amsterdam, jaargang 29, nummer 9, p. 261 en 262
Datering:1977
Je aantekeningenPrinten
uitleg verbergen
  • klik op de knop met de + om de toelichting te lezen

  • klik op de knop met het ? om hulpvragen te lezen

  • klik op de knop met a-z om trefwoorden op te roepen waarmee je naar andere bronnen kunt

  • kijk in het gele vak onderin voor de basisgegevens

  • klik op de knop met de pen rechtsonder om een notitie te plaatsen

  • klik op de knop met de printer rechtsonder om de afbeelding en gegevens te printen

transcriptie verbergen

trefwoorden verbergen

Liernur
Liernurstelsel
riolering
tonnenstelsel
beerputstelsel
uitwerpselen (menselijke)
Gezondheidscommissie

hulpvragen verbergen

  • In de bron worden vijf concurrerende stelsels genoemd. Geeft de bron ook informatie waarom het Liernurstelsel uiteindelijk wordt gekozen?

  • Welk stelsel is tot op de dag van vandaag gebruikelijk geworden?

  • Hoe belangrijk is de verkoopbaarheid van meststoffen in het stelsel dat wij nu nog hebben?

toelichting verbergen

In 1977 verschijnt een themanummer van het maandblad 'Ons Amsterdam'over de stadsreiniging, naar aanleiding van het honderdjarig bestaan van deze gemeentelijke dienst.
Dedalo Carasso beschrijft in zijn artikel de weg naar de start van de stadsreiniging in de 19de eeuw.

In die tijd was Amsterdam een vieze stad. Van stadsreiniging en de riolering was nog geen sprake.
De vervuiling was een veelbesproken thema. Geen enkele oplossing was vanzelfsprekend en het ene plan na het andere werd gelanceerd. Regelmatig onstonden er heftige discussies tussen voor- en tegenstanders van diverse oplossingen.