home > thema's > onderwijs > wetgeving > schriftelijke bronnen terug
<h1>Schoolstrijd</h1>
help toelichting hulpvragen trefwoorden
Uit de inleiding:

De ‘schoolstrijd’ heeft een groot deel van de Nederlandse politiek beheerst, vooral in de tweede helft van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw. Enkele van de voornaamste politieke partijen uit die tijd beschouwden de kwestie als het belangrijkste punt van praktische politieke strijd. Zonder de schoolstrijd zouden zij zich wellicht niet tot politieke massa-partijen hebben kunnen ontwikkelen. Gedacht wordt dan vooral aan de beide grote protestants-christelijke partijen (de Anti-Revolutionaire Partij en de Christelijk-Historische Unie), in mindere mate aan de Katholieke Volkspartij en tenslotte ook aan de liberale groeperingen, waarvan de V.V.D. in sommige opzichten de voortzetting is.
Wat moeten wij onder ‘schoolstrijd’  verstaan? Het is een strijd om de inhoud en de organisatie van het volksonderwijs, in de eerste plaats het lager onderwijs. Om de inhoud: moet of mag de volksschool godsdienstig onderwijs geven, of dient zij het godsdienstige element buiten te sluiten? En om de organisatie: moet het onderwijs verzorgd worden door overheidsinstellingen (scholen van de staat, de gemeenten) ofwel ten dele of uitsluitend door anderen (kerkgenootschappen, verenigingen, particulieren)?
Juist de vermenging van deze beide vraagstukken (inhoud en organisatie) maakte de ‘schoolstrijd’ zo ingewikkeld, en dat laatste geldt wel speciaal voor ons land. Immers, wij kennen niet één kerkgenootschap,  maar vele en binnen de protestantse kerkgenootschappen bestaan weer verschillende richtingen. Als het lager onderwijs dan al godsdienstig zou moeten zijn, in welke zin dan wel? Kan de overheid bij de organisatie van het volksonderwijs rekening houden met deze geloofsverdeelheid? Moet de overheid de scholen die zij betaalt voor alle kinderen toegankelijk maken en er daarom elk leerstellig-godsdienstig element uit weren? Of moet de overheid de scholen die zij betaalt voor alle kinderen toegankelijk maken en er daarom elk leerstellig-goedsdienstig element uit weren? Of moet de overheid het geven van onderwijs aan particulieren of kerkgenootschappen overlaten? Zo ja, mag de overheid dan wel financiële steun verstrekken?

Titel:Schoolstrijd en partijvorming in Nederland, Inleiding
Auteur:Th. van Tijn
Herkomst:in: Cahiers voor Geschiedenis, uitg. Meulenhoff Educatief, Amsterdam
Datering:1967
Inventarisnummer:Stadsarchief Amsterdam - 35E50
Je aantekeningenPrinten
uitleg verbergen
  • klik op de knop met de + om de toelichting te lezen

  • klik op de knop met het ? om hulpvragen te lezen

  • klik op de knop met a-z om trefwoorden op te roepen waarmee je naar andere bronnen kunt

  • kijk in het gele vak onderin voor de basisgegevens

  • klik op de knop met de pen rechtsonder om een notitie te plaatsen

  • klik op de knop met de printer rechtsonder om de afbeelding en gegevens te printen

transcriptie verbergen

trefwoorden verbergen

schoolstrijd
wetten
godsdienstonderwijs

hulpvragen verbergen

  • Welke informatie geeft de auteur over de periode waarin de schoolstrijd plaatsvond?

  • Welke politieke partijen mengden zich vooral in de strijd?

  • Wat waren de belangrijkste kwesties die in de schoolstrijd speelden?

toelichting verbergen

Deze publicatie is een deel uit de reeks ‘Cahiers voor Geschiedenis’.  Daarin worden belangrijke historische gebeurtenissen of zaken uitgediept. In ‘Schoolstrijd en partijvorming in Nederland’ beschrijft Th. Van Tijn het verloop van de zogenaamde schoolstrijd in Nederland. Hij licht hoe de strijd zich ontwikkelde, hoe het kwam dat het allemaal zo lang duurde, welke partijen een rol speelden in de kwestie en wat de belangrijkste geschilpunten waren.